Artikelen & publicaties

In het UMCG zijn reeds meerdere onderzoeken naar essentiële tremor gedaan. Op deze pagina kunt u informatie vinden over resultaten van deze onderzoeken.

Erfelijkheid en essentiële tremor (2019)

Naast patiëntonderzoek doen onderzoekers ook vaak literatuuronderzoek. Hierbij wordt dan alle literatuur over een bepaald onderwerp geanalyseerd. In dit geval hebben we de literatuur over familiaire kenmerken van essentiële tremor geanalyseerd. Kennis over deze familiaire kenmerken van essentiële tremor is belangrijk om vragen van patiënten te kunnen beantwoorden én voor de wetenschap op met name het gebied van erfelijkheid. In dit literatuuronderzoek zagen we dat onder andere alcoholresponsiviteit en neurofysiologische kenmerken (kenmerken van de tremor, zoals frequentie) niet of nauwelijks zijn onderzocht. Op basis van daarvan is dan ook het huidige onderzoek ingericht.

Hersennetwerken betrokken bij essentiële tremor

Dit onderzoek heeft nieuw bewijs naar voren gebracht dat essentiële tremor een aandoening is waar de kleine hersenen (het cerebellum) bij betrokken zijn. De resultaten van dit onderzoek zijn niet direct van invloed op de behandeling van essentiële tremor, maar geven wel meer inzicht in hoe essentiële tremor ontstaat.
De resultaten van deze studie zijn gepubliceerd in wetenschappelijke tijdschriften en sommige resultaten zijn gepresenteerd op congressen voor neurologen en wetenschappers in onder andere Stockholm, Seattle en Sydney. Hieronder worden de belangrijkste resultaten kort toegelicht, wilt u de gehele artikelen zelf lezen (Engels) dan kunt u contact opnemen met de onderzoekers.

In het eerste deel van dit onderzoek is er door patiënten een taak uitgevoerd in een MRI-scanner (duim en vingers tegen elkaar tikken). Dit soort taken vragen veel van de kleine hersenen. Bij essentiële tremor wordt gedacht dat er een verstoring is van de functie van de kleine hersenen; vandaar dat we benieuwd waren of we bij deze taak verstoorde activiteit zouden vinden. Het belangrijkste resultaat wat hieruit naar voren kwam was dat er bij essentiële tremor patiënten verhoogde activiteit in een bepaald gebied van de kleine hersenen te zien was tijdens het tikken, namelijk in de nucleus dentatus.

In het tweede deel van het onderzoek werd opnieuw bewijs gevonden voor een verstoring van de activiteit in de de kleine hersenen. Er werd door proefpersonen opnieuw een taak uitgevoerd en daar werd een speciale analyse op gedaan die hersennetwerken, verbindingen tussen hersengebieden, onderzoekt. Deze modellen lieten zien dat bepaalde verbindingen binnen deze netwerken in essentiële tremor patiënten minder sterk was dan bij de gezonde proefpersonen. Kortom, naast een verstoring in de kleine hersenen zelf, zijn er ook verstoringen binnen het hersennetwerk bij patiënten met essentiële tremor.

Tot slot, zijn gegevens bekeken die gaan over de beleving van de patiënt met essentiele tremor. Er zijn verschillende schalen (scores) waarmee dokters de ernst van de tremor beoordelen, er zijn ook schalen waarmee patiënten de ernst van hun tremor kunnen beoordelen. In dit onderzoek werd gevonden dat er maar een matige overeenkomst is tussen de maten van tremor ernst vanuit het perspectief van de dokter en het perspectief van de patiënt. Dit suggereert dat de verschillende schalen verschillende aspecten van tremor ernst meten, waardoor het zeer aan te raden is beide soorten schalen te gebruiken in de spreekkamer en klinische trials.